Nacht. Bij het vuur. ZORA met een mango in haar hand.
Ze noemen me niemand
Maar dat is in hun eigen taal
Dus dat kan ik eigenlijk niet weten
Ze begrijpen mij niet
Ze lachen
Ze zeggen
Niemand weet het
Laat haar
Ze geven me te eten
Ze leggen me te slapen
Ik geef ze al mijn spullen
Er wordt regen verwacht
Ze schilt de mango.
Je kunt zo ver verdwalen
Het is bizar
Zoals de aarde rond is
En het hier toch net zo plat als thuis
Alleen eenvoudiger
Eten en slapen
Een dag als alle andere
Een plek waar niets gebeurt
Waar ze niet vragen wanneer ik nu eindelijk eens
Geen avonden aan tafel
Waar altijd iemand huilend wegloopt
En soms voorgoed verdwijnt
Ze eet de mango.
Je moet het fruit hier meteen opeten
Voor de vliegen je voor zijn
Of de man van de Natuurwinkel
Maar wat doe je met de pit
Planten in vruchtbare grond
Koesteren en wachten en meer pitten
Tot je erin verzuipt
Weggooien in de berm
Tussen de Afrikaanse bloemen
En wel zien wat ervan komt
Of direct in het vuur
De cirkel doorbreken
En verstuiven als as in de wind
Ze heeft de pit in haar hand.
Voorbij het uitgesleten patroon
Vanuit die kooi van gebaande paden
Trek ik een spoor recht naar beneden
Tot mijn meridiaan de keerkring raakt
En de hele wereld een lijnenspel blijkt
Ook hier ben ik oorzaak en gevolg
Ik zie het aan hun ogen
The essence of the presence of the atomic bomb.
1 dag geleden

